🩵 Kankerlicht – Zes flesjes en een volle huiskamer

🩶 15:33 De bel die niemand wil horen

Het was een telefoontje op vrijdagmiddag om 15:33. Ik was net een bierproeverij met kwis aan het voorbereiden. In een paar minuten veranderde mijn middag van luchtig naar loodzwaar. Sinds dat moment probeer ik alles wat er gebeurt op te schrijven. Niet om medelijden te krijgen, maar om mijn hoofd en hart bij elkaar te houden. Deze blogs zijn mijn manier om te begrijpen, te delen en te laten zien hoe ik hiermee omga. Soms serieus, soms met humor, maar altijd echt.

“Het leven belt niet van tevoren om te vragen of het uitkomt.”

🩶 Wegen zonder marge

Elke woensdag is er controle. Ritme geeft houvast, zelfs als de boodschap dat niet doet. Twee weken geleden bleek ik opnieuw te zijn afgevallen. In mijn situatie is dat geen detail, maar een alarmsignaal. Afvallen betekent hier niet strakker in je pak, maar minder reserves waar je juist op moet kunnen teren. We hebben het voedingsregime aangepast. Strakker, consequenter, zonder ruimte voor onderhandelen met mezelf.

Sindsdien drink ik zes flesjes drinkvoeding per dag. Niet omdat ik dat gezellig vind, maar omdat mijn lichaam het nodig heeft. Opvallend genoeg voelde ik me daardoor ook daadwerkelijk beter. Energieker. Aanwezig. Alsof iemand de dimmer voorzichtig iets hoger draaide.

“Soms zit herstel niet in meer wilskracht, maar in meer calorieën.”

🩶 Vakantieplanning met bijsluiter

Met de artsen besprak ik ook iets anders. Sylvia gaat op 12 januari samen met Mandy een week op vakantie. Ik zag dat eerlijk gezegd niet zitten. Zo vroeg in mijn herstel, terwijl alles nog wankel voelt. Tegelijk snap ik het volledig. Ook zij zijn op. Emotioneel, mentaal, praktisch.

De arts was helder. De eerste twee weken na het einde van de bestraling volgt bijna altijd een diepe dip. Het lichaam schakelt van aanval naar herstel en dat gaat zelden geruisloos. Voor mij alleen zou dat geen probleem zijn. Acht dagen op de bank, medicijnen nemen, zes flesjes drinken. Maar zorgen voor iemand anders zit er dan niet in. Dus daar moesten we iets voor verzinnen. Niet uit angst, maar uit realisme.

“Herstel vraagt soms om plannen waar niemand echt blij van wordt.”

🩶 Knieperties als stresstest

Zaterdag 20 december was het open dag bij ons thuis. De jaarlijkse kniepertiesdag. Negentien mensen over de vloer, drie kilo beslag, ruim driehonderd knieperties. Iedereen ging naar huis met een zakje, doosje of trommeltje vol. Een aantal vaste gasten ontbrak dit jaar nog, anders waren we moeiteloos richting de dertig gegaan.

Het was zwaar. Veel mensen, veel geluid, veel prikkels. Ik pendelde tussen beneden en boven. Steeds twintig minuten rust wanneer mijn lichaam of Sylvia dat aangaf. Elke keer dat ik weer beneden kwam, werd het lastiger om te acclimatiseren. Aan de drukte, het lawaai, de energie.

Aan het eind van de middag ging ik nog even naar boven om te rusten. Toen ik beneden kwam was het acht uur. Iedereen weg. Alles opgeruimd. Het was een geweldige dag.

“Je kunt kapot zijn en dankbaar tegelijk.”

🩶 Opleving met waarschuwing

Ik was ervan overtuigd dat zondag en maandag verloren dagen zouden worden. Dat gebeurde niet. Mijn stem kwam grotendeels terug en ik voelde me beter dan sinds de operatie van 24 oktober. Mijn case manager temperde mijn enthousiasme voorzichtig. Waarschijnlijk was deze opleving simpelweg het gevolg van eindelijk voldoende voeding. Een tijdelijke winst, geen structurele ommekeer.

Dinsdagavond kwam Evert langs. Het ging goed, tot het plots niet meer ging. Van het ene moment op het andere was de rek eruit en heb ik hem vrij bruusk naar huis gestuurd. Hij vond het geen probleem. Ik vond het vooral leerzaam. Blijkbaar kan ik nog steeds abrupt afknappen, ook als het vooraf prima voelt.

“Vooruitgang betekent niet dat grenzen verdwijnen.”

🩶 Laatste waarschuwingen voor de finish

Woensdag had ik mijn laatste bestraling voor Kerst. Nog twee na de feestdagen en dan is dit hoofdstuk afgesloten. Ook was het mijn laatste gesprek met de verantwoordelijke oncoloog over het behandeltraject. Ze was duidelijk. Deze schommelingen horen erbij. Een instorting ligt ergens in het verschiet.

Ik mag nog niet stoppen met de pijnmedicatie. Die heb ik de komende weken hard nodig. Over twee weken bellen we hierover, want ik wil van de Fentanyl af. Het helpt, maar het is geen vriendelijk spul voor mijn hoofd. Daarnaast kunnen er in de eerste weken nog nieuwe bijwerkingen ontstaan. Scheurtjes in de halshuid heb ik al. Mijn gebit voelt onrustig. Het enige dat nog ontbrak was mucositis en dat lijkt zich nu voorzichtig aan te dienen.

“Het einde van de behandeling is niet het einde van het werk.”

🩶 Kerst in een poncho

Vandaag is het eerste kerstdag. Ik was uitgenodigd voor een kerstmaaltijd bij mijn schoonzusje. Eerst zei ik nee. Halverwege de middag bedacht ik me. Alleen somber zijn leek me geen verbetering. Met een pilletje tegen depressie en mensen om me heen zou het vast beter gaan.

Sylvia haalde me rond vijf uur op. Het bleek een misrekening. Te druk. Te veel geluid. Na een uur zat ik op de bank, diep weggedoken in mijn poncho, afgesloten van alles. Ik hoopte het einde van de avond te halen zodat Sylvia en Jaero het leuk hadden. Dat lukte niet. Rond acht uur bracht Sylvia me naar huis.

En daar zit ik nu. Rust. Muziek. Geen mensen. Het is goed zo.

“Soms is naar huis gaan geen opgeven, maar kiezen.”



Ontdek meer van Data-Pro BV

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Dit bericht heeft één reactie

  1. Mam

    Luisteren wat de arts en oncoloog adviseren. Niet de grens overgaan denk ik.😘😘😘😘

Laat een antwoord achter aan Mam Reactie annuleren